3 pijlers van het mobiliteitsbudget
De werknemer kan zijn of haar bedrijfswagen inruilen voor een mobiliteitsbudget. Dat kan aan 3 zaken gespendeerd worden:
Een andere elektrische of milieuvriendelijkere wagen.
Alternatieve vervoermiddelen of toegangsbewijzen tot die vervoermiddelen zoals openbaar vervoer, fiets, speed pedelec, deelauto… Huisvestingskosten voor een woonplek die binnen een straal van 5 kilometer van de normale plaats van tewerkstelling gelegen is, worden gelijkgesteld met duurzame alternatieve vervoermiddelen.
Een cash saldo.
Neutrale operatie voor u
Voor u als werkgever is het mobiliteitsbudget geen verhoging van kosten noch een besparing. De berekening van het mobiliteitsbudget gebeurt op basis van de totale kostprijs van de bedrijfswagen. Zelfs de kosten van het beheer van het mobiliteitsbudget kunnen aangerekend worden op het jaarlijks budget van de werknemer.
Wordt het mobiliteitsbudget besteed aan duurzame vervoermiddelen of cash, dan kan u het volledig Te duur en te klein aftrekken. Wordt het aangewend voor een nieuwe elektrische bedrijfswagen, dan zijn de autokosten nu nog 100% aftrekbaar. Voor elektrische wagens aangeschaft vanaf 2027 wordt deze aftrek stelselmatig afgebouwd en gaat het om beperkt aftrekbare autokosten.
Loonoptimalisatie voor uw werknemer
Voor uw werknemer houdt het mobiliteitsbudget wel degelijk een loonoptimalisatie in, al varieert die naargelang de besteding.
- Een andere milieuvriendelijke wagen
Dezelfde (para)fiscaal behandeling als een andere bedrijfswagen. Het voordeel van alle aard en de CO²-bijdrage liggen wel lager dan dat van de ingeleverde bedrijfswagen. - Alternatief vervoer
Volledig vrijgesteld van sociale bijdragen en belastingen. Waar uw werknemer in normale omstandigheden de huur van een woning betaalt met zijn of haar nettoloon (na aftrek van sociale zekerheidsbijdragen en bedrijfsvoorheffing) kan hij of zij dat via het mobiliteitsbudget financieren als bruto voor netto. Hetzelfde geldt voor alle andere bestedingen in het kader van duurzame mobiliteit. - Cash saldo
Een éénmalige inhouding sociale zekerheid van 38,07% (25% + 13,07%), volledig ten laste van uw werknemer.
Geen belasting op deze cash betaling.
Te duur en te klein
De beperking van het mobiliteitsbudget ligt in het feit dat je voortaan ofwel geen bedrijfswagen meer hebt, ofwel enkel een bedrijfswagen kan kiezen die moet voldoen aan strikte voorwaarden. Vanaf januari 2026 moet het gaan om een elektrische wagen, en die zijn vaak duurder, wat inhoudt dat de werknemer wellicht een kleinere wagen moet kiezen. Dat kan een struikelblok zijn voor sommige mensen.
Coming soon!
Het mobiliteitsbudget bestaat al een aantal jaren, maar vanaf 2026 veranderen de spelregels fundamenteel. Elke werkgever die bedrijfswagens aanbiedt, moet zijn werknemers de mogelijkheid geven om die in te ruilen voor een mobiliteitsbudget. We gaan van een vrijwillige naar een verplichte mogelijkheid. Voor werkgevers betekent dit: tijd om in actie te komen. Want hoewel de verplichting geldt, blijft er ruimte voor maatwerk. U bepaalt zelf hoe je het mobiliteitsbudget invult. Start hier tijdig mee! Het implementeren van een doordacht mobiliteitsbeleid kost namelijk tijd.
Wilt u graag nog meer weten over alternatief verlonen, download het gratis e-book.
Neem contact op met één van onze experten

