Overslaan en naar de inhoud gaan
#Subsidies #Investering #Belastingen #Vennootschap #Kapitaal

Subsidies in de vennootschap: vrijgesteld of niet?

dinsdag 27/11/2018
Company subsidies

In het artikel van onze collega’s van Strategy en Operations werden kort enkele subsidies omschreven. Ze gaven daarbij aan u en uw vennootschap te kunnen bijstaan voor wat betreft subsidiebegeleiding van A tot Z. [1]In het kader hiervan bespreken we graag het fiscale kader rond subsidies: hoe worden de ontvangen subsidies fiscaal behandeld binnen de vennootschap? Zijn deze subsidies vrijgesteld van vennootschapsbelasting en indien ja, aan welke voorwaarden dient men concreet te voldoen om van de vrijstelling te kunnen genieten? Hierna vindt u een greep uit de fiscale behandeling van enkele types en concrete voorbeelden van subsidies.

Kapitaalsubsidies

Principe

Kapitaalsubsidies betreffen in principe van overheidswege verkregen subsidies bedoeld voor investeringen in vaste activa ingevolge diverse wetgevingen. Op basis van de artikelen 24 en 183 WIB92 maken kapitaalsubsidies deel uit van de belastbare winst en zijn deze aldus in principe onmiddellijk en integraal belastbaar in de vennootschapsbelasting. Geen vrijstelling dus.

Let wel, er zijn verschillende types van kapitaalsubsidies. Voor kapitaalsubsidies ontstaan naar aanleiding van het doorvoeren van een bepaald regeringsbeleid is vaak wel in een vrijstellingsregime voorzien. Daarom is het van belang om na te gaan over welk type kapitaalsubsidie het gaat om na te kunnen gaan of er al dan niet een vrijstelling geldt. Bijvoorbeeld: niet vrijgesteld is de zogenaamde strategische transformatiesteun. Wel vrijgesteld daarentegen zullen de ontvangen subsidies zijn in het kader van de economische expansiewetgeving (zie onder).

Uitzondering: gespreide belasting van ontvangen kapitaalsubsidies

Artikel 362 WIB92 voorziet daarenboven in een toegestane afwijking en laat een gespreide belasting toe van ontvangen (niet-vrijgestelde) kapitaalsubsidies mits aan onderstaande cumulatieve voorwaarden is voldaan:

  • Het moet gaan om kapitaalsubsidies (en geen rentesubsidies).
  • Er is een toekenning van overheidswege. Onder overheid wordt verstaan elke openbare instantie van om het even welke niveau: Europese instellingen, Belgische federale, gewestelijke, provinciale en gemeentelijke instanties.
  • De subsidie is toegekend om immateriële en materiële vaste activa te verwerven of tot stand te brengen (waardoor ook exploitatiesubsidies uitgesloten zijn van de uitzonderingsregeling).

Indien cumulatief aan bovenvermelde voorwaarden is voldaan, worden de ontvangen kapitaalsubsidies slechts als winst van het belastbaar tijdperk aangemerkt in verhouding tot de als beroepskosten aanvaarde afschrijvingen en waardeverminderingen op de gesubsidieerde activa. Er vindt met andere woorden een gespreide taxatie plaats.

Interestsubsidies

Anders dan voor kapitaalsubsidies gelden voor interestsubsidies geen bijzondere fiscale bepalingen. Interestsubsidies zijn financiële tussenkomsten vanwege een overheid in de interest die een onderneming betaalt op de door haar openstaande leningen bij de bank. Dit type subsidies is belastbaar volgens de normaal geldende regels. Bijgevolg zal de ontvangen rentesubsidie kwalificeren als een belastbaar winstbestanddeel van het belastbaar tijdperk waarin het werd verkregen. Een voorbeeld hier is de rentetoelage voor KMO’s met hinder door openbare werken (nu vervangen door de hinderpremie) en de investeringssteun voor land- en tuinbouwers van het Vlaams Departement voor Landbouw en Visserij.

Gezien deze subsidies vaak in de vorm van jaarlijkse schijven worden toegekend, zal ook jaarlijks de betreffende toekenning worden opgenomen in de belastbare winst. Worden de interestsubsidies daarentegen niet gespreid maar uitzonderlijk in één keer toegekend, terwijl de subsidie weliswaar betrekking heeft op een investering die over meerdere jaren zal worden afgeschreven, dan zal de ontvangen rentesubsidie gespreid belast worden zoals hierboven ook werd omschreven voor de kapitaalsubsidie.

Vrijstelling van kapitaal- en interestsubsidies: fiscale verwerking

De vrijstelling voor kapitaal- en interestsubsidies worden in de aangifte vennootschapsbelasting verwezenlijkt via een aanpassing in meer van de begintoestand van de reserves. Let wel, indien het kapitaal of interestsubsidies betreft die gespreid in de belastbare basis dienen te worden betrokken, zal ook de vrijstelling slechts gespreid worden toegepast. Het nog niet belaste gedeelte van de subsidie dient dan te worden opgenomen onder de vrijgestelde reserves en aldus pas mee in het resultaat genomen te worden in de latere belastbare tijdperken. Wordt de vennootschap in een later stadium verzocht om de premie of subsidie terug te betalen aan het gewest, dan is de hiermee verband houdende kost uiteraard ook niet aftrekbaar.

Specifiek vrijgestelde gewestelijke premies, kapitaals- en interestsubsidies

Vrijstelling onder de economische expansiewetgeving

Het Generatiepact van eind 2005 [2]voerde een vrijstelling in voor wat betreft kapitaal-, interestsubsidies en/of -premies die worden ontvangen in het kader van de economische expansiewetgeving om immateriële en materiële vaste activa aan te schaffen of tot stand te brengen. Een voorbeeld in casu betreft de ecologiepremie.

Deze vrijstelling wordt voorzien op basis van art. 193bis, §1 WIB92 en trad in werking voor premies betekend op een datum die ten vroegste behoort tot het belastbare tijdperk verbonden aan aanslagjaar 2007.

Vrijstelling voor steun ontvangen voor onderzoek en ontwikkeling

Tevens vrijgesteld in de vennootschapsbelasting zijn de premies en kapitaal- en interestsubsidies op immateriële en materiële vaste activa, die aan vennootschappen worden toegekend in het raam van de steun aan onderzoek en ontwikkeling door de bevoegde gewestelijke instellingen, met inachtneming van de Europese reglementering inzake staatssteun. [3] Hieronder vallen met zekerheid de VLAIO subsidies van het Milieu- en energietechnologie Innovatie Platform (MIP) en VLAIO subsidies voor onderzoek en ontwikkeling [4].

De vrijstelling wordt voorzien op basis van art. 193ter WIB92 en trad in werking voor premies en subsidies betekend op een datum die ten vroegste behoort tot het belastbare tijdperk verbonden aan aanslagjaar 2008.

Andere vrijgestelde gewestelijke premies

Ook vrijgesteld op grond van art. 193bis, §1 WIB92 zijn de tewerkstellingspremies en beroepsoverstapspremies die door de bevoegde gewestelijke instellingen worden toegekend aan vennootschappen en daarenboven op basis van de Europese regels [5] kwalificeren als staatssteun voor tewerkstelling. Een voorbeeld van een in aanmerking komende premie is de beroepsoverstapspremie voor werkloze 50-plussers.

Niet-vrijgestelde (al dan niet gewestelijke) premies

Indien er geen uitdrukkelijke wettelijke vrijstelling voorzien is voor de steunmaatregel in kwestie, zal worden teruggevallen op het algemeen principe van de belastbaarheid van subsidies. [6] De bovenvermelde vrijstellingen op grond van art.193bis en 193ter WIB92 vormen aldus de uitzonderingen op het algemene beginsel dat ontvangen premies en subsidies belastbare inkomsten zijn van de vennootschap. Bijgevolg zijn lang niet alle subsidies of premies die u kan genieten bijvoorbeeld via een tussenkomst van VLAIO vrijgesteld van vennootschapsbelasting. Voorbeelden van dergelijke niet vrijgestelde premies/subsidies betreffen onder andere vergoedingen voortvloeiend uit KMO-portefeuille, de strategische transformatiesteun evenals subsidies ontvangen van Flanders Investment and Trade (FIT). Ook andere types van (niet gewestelijke) subsidies zoals de Europese subsidies van het Europees Sociaal Fonds-agentschap (ESF) en andere federale steunmaatregelen zullen belastbare inkomsten uitmaken. 

Uiteraard staat de belastbaarheid of vrijstelling van een bepaald type subsidie niet in de weg dat u voor uw onderneming op zoek gaat naar een extra vorm van financiering voor het plannen van bepaalde investeringen, aanwerven van personeel of organiseren van opleidingen waarvoor u met uw vennootschap in aanmerking kan komen voor het ontvangen van een bepaalde subsidie of premie.

[1] https://www.moore.be/nl/nieuws/subsidiebegeleiding-van-a-tot-z
[2] Artikel 114 van de wet van 23 december 2005 betreffende het generatiepact (BS 30 december 2005).
[3] Artikelen 106 en 107 van de wet van 25 april 2007 houdende diverse bepalingen (BS 8 mei 2007).
[4] Deze omvat de voormalige zogenaamde ‘IWT-steun’ die werd toegekend via het Vlaamse Instituut voor de aanmoediging van innovatie door Wetenschap & Technologie.
[5] Verordening (EG) nr. 2204/2002 van 12 december 2002 van de Europese Commissie inzake de toepassing van de artikelen 87 en 88 van het EG-Verdrag op de staatssteun voor tewerkstelling gestelde voorwaarden of die in dat kader door de Europese Commissie worden aanvaard of aanvaard zijn.
[6] Gent, 17 mei 2016.

Neem contact op met een van onze adviseurs
An Lettens
An Lettens
Partner Tax & Legal Services