Overslaan en naar de inhoud gaan
#Tax & Legal #Business Legal #Erfbelasting #Schenking #VLABEL

Rechter legt standpunt Vlabel naast zich neer

dinsdag 24/03/2020
Gunstregime

Een Gentse rechter paste voor het eerst een Omzendbrief van Vlabel niet toe. Hij oordeelt dat het bezit van privaat vastgoed door een familiale onderneming, niet belet te bewijzen dat de onderneming wel degelijk een reële economische activiteit heeft, en dus kan genieten van een fiscaal gunstregime.

De wet zegt: een weerlegbaar vermoeden

Eén van de voorwaarden voor een familiale onderneming om te kunnen genieten van een gunstige erf- en schenkbelasting is dat ze als vennootschap een reële economische activiteit moet hebben.

De wet bevat een vermoeden dat er geen reële economische activiteit bestaat als aan twee voorwaarden in de jaarrekening cumulatief voldaan is. De terreinen en gebouwen, opgenomen in rekening 22 van de balans, bedragen meer dan 50% van het actief. En tegelijk bedragen de bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen, opgenomen in balanspost 62, niet meer dan 1,5% van het totale actief.

De wet laat echter toe dat vermoeden te weerleggen dooreen tegenbewijs te leveren. De belastingplichtige moet in dat geval aantonen dat de betrokken vennootschap wel degelijk een reële economische activiteit heeft.

Vlabel zegt: geen tegenbewijs

In haar Omzendbrief 2015/2 stelt de Vlaamse Belastingdienst echter dat zij het tegenbewijs niet zal aanvaarden als er ook privaat vastgoed in de vennootschap aanwezig is. Volgens Vlabel heeft de wetgever nooit de intentie gehad zo’n vastgoed onder het gunsttarief te laten vallen.

De rechter zegt: wel tegenbewijs

In een concrete zaak met deze problematiek onderzocht de rechter of de strenge opvatting van de fiscus wel steun vindt in de wet. De rechtbank van Gent oordeelde op 4 februari 2020 dat dit niet het geval is. De rechter laat de bewuste Omzendbrief links liggen en aanvaardt dat een tegenbewijs geleverd wordt.

In de betwisting die voorlag, was het inderdaad zo dat de vennootschap naast velden, loodsen en een winkel, een appartement en een woonhuis bezat. Voor de rechtbank werd aangevoerd dat de visie van Vlabel ingaat tegen de duidelijke wettekst, die hoe dan ook toelaat het tegenbewijs te leveren.

De rechtbank van eerste aanleg is deze argumentatie gevolgd en oordeelt dat de belastingplichtige enkel het bewijs moet leveren van het bestaan van een reële economische activiteit, zelfs als de vennootschap ook (privaat) onroerend vermogen beheert. Aangezien in het betwiste geval de vennootschap een beenhouwerij uitbaat, achtte de rechtbank dat het tegenbewijs werd geleverd .

Het is nu afwachten hoe de Vlaamse Belastingdienst zal reageren op deze uitspraak.

Neem contact op met één van onze adviseurs

Dirk De Groot

Dirk De Groot

Partner Sherpa Law

Contact
Frederic Stynen

Frederic Stynen

Associate Sherpa Law

Contact