Hoe werkt dit nieuwe mechanisme?
Men dient een onderscheid te maken tussen aandelen in een professionele vennootschap verkregen met gemeenschapsgelden dan wel met eigen gelden.
Aandelen verkregen met gemeenschapsgelden
Wanneer de verkrijging van de aandelen in een professionele vennootschap met gemeenschapsgelden gefinancierd werd, dan bepaalt artikel 1401, §1,5 BW dat de lidmaatschapsrechten verbonden aan deze aandelen tot het eigen vermogen van deze echtgenoot behoren indien het gaat om de professionele vennootschap van die echtgenoot of wanneer de persoon van die echtgenoot cruciaal is in de vennootschap (hetgeen blijkt uit beperkingen inzake de aandelenoverdracht).
De vermogenswaarde van deze aandelen vormt daarentegen een gemeenschapsgoed op basis van artikel 1405,§1,5 BW. Zodoende wordt door de wet een duidelijk onderscheid gemaakt tussen ‘titre’ (lidmaatschapsrechten) en ‘finance’ (vermogenswaarde). Indien deze echtgenoot zijn beroepsinkomsten “parkeert” in zijn vennootschap, leidt de gemeenschap op termijn geen nadeel: de waarde van die aandelen behoort immers tot de huwgemeenschap. Er hoeft dan ook geen vergoeding tussen de vermogens plaats te vinden.
Aandelen verkregen met eigen gelden
De aandelen in de professionele vennootschap zullen evenwel tot het eigen vermogen van de echtgenoot behoren, indien deze echtgenoot de aandelen ofwel reeds voor het huwelijk heeft verworven ofwel tijdens het huwelijk heeft verkregen hetzij via eigen gelden hetzij via erfenis of gift. Het is in het kader van deze aandelen, behorend tot het eigen vermogen van een echtgenoot, dat artikel 1432, lid 2 BW in het leven werd geroepen. Wanneer immers deze echtgenoot zichzelf slechts een geringe vergoeding uitkeert voor zijn gedane prestaties binnen zijn eigen vennootschap, zal de gemeenschap wel een nadeel ondervinden. De gemeenschap ontvangt namelijk niet de hogere opbrengst die zij redelijkerwijze zou verkrijgen indien de echtgenoot zijn professionele activiteit zou uitoefenen als zelfstandige of werknemer. Meer nog, de eigen vennootschap zal de rest van de verwezenlijkte winsten kunnen reserveren of kapitaliseren, waardoor de waarde van de eigen aandelen en bijgevolg eveneens het eigen vermogen van deze beroepsactieve echtgenoot zal stijgen.
Daarom bepaalt artikel 1432, lid 2 BW dat, indien de gemeenschap zulk nadeel ondervindt, de gemeenschap vergoed hoort te worden voor de netto beroepsinkomsten die zij niet heeft verkregen en die zij “redelijkerwijze” had kunnen verkrijgen indien het beroep niet via een eigen vennootschap werd beoefend. Deze eis tot vergoeding kan worden ingesteld door de mede-echtgenoot bij de ontbinding van het huwelijk en houdt niet de gehele waardevermeerdering van de aandelen in, maar slechts een compensatie voor de door de gemeenschap mislopen inkomsten.
De beroepsactieve echtgenoot kan zich tegen deze eis tot compensatie verweren door aan te tonen dat de uitkering van een hogere c.q. normale vergoeding niet wenselijk was om diverse redenen: de financiële toestand van de vennootschap als gevolg van bijvoorbeeld zware verliezen of grote investeringen, slechte conjunctuur dan wel wegens economische of concurrentiegebonden redenen, etc. De echtgenoot dient zijn verweer te staven met de nodige documenten. Indien het een complexe situatie aanbelangt, en partijen geen akkoord vinden, zal er een deskundige aangesteld worden.
Let wel: het uitoefenen van een beroep via een eigen vennootschap mag niet steeds als negatief worden ervaren ten aanzien van de gemeenschap. Zo zijn aan de tussenkomst van een vennootschap vaak eveneens voordelen verbonden voor de gemeenschap. Zo denken wij aan een (gezins)woning die werd aangekocht door de vennootschap en waarvoor het gezin geen huur hoeft te betalen of de aankoop van een wagen via de vennootschap.
Toepassing in de tijd
Deze vergoedingsregel is van toepassing op alle echtgenoten die gehuwd zijn na 1 september 2018. Diegene die reeds gehuwd waren op 1 september 2018 kunnen deze vergoeding slechts eisen voor de “gederfde” inkomsten vanaf 1 september 2018. Vroegere “gederfde” inkomsten kunnen niet meer worden gerecupereerd op basis van het nieuwe artikel 1432, lid 2 BW.
[1] (artikel 1432, lid 2 BW)
Neem contact op met één van onze experten