Overslaan en naar de inhoud gaan
#Tax & Legal #Business & International Tax #Financieringskostensurplus

Rentecomponent in verkoopprijs: mag het in mindering gebracht worden van het financieringskostensurplus?

25/02/2025 | Leestijd: 4 minuten
Davina Van Den Bosch
Davina Van Den Bosch
Senior Manager Tax & Legal Services
Contact

Vanaf aanslagjaar 2020 (boekjaren vanaf 1 januari 2019) werd in België een nieuwe interestaftrekbeperking ingevoerd. In dit artikel komen we kort terug op de basisprincipes van het financieringskostensurplus en geven we meer inzicht met een concreet voorbeeld, waarbij een rentecomponent in een verkoopprijs toch fiscaal erkend kan worden als een renteopbrengst.

Financieringskostensurplus: alle basisbegrippen op een rijtje

Aftrekbeperking

Zoals bekend is het financieringskostensurplus onder de nieuwe thin cap regels slechts aftrekbaar in de mate dat het niet hoger is dan het hoogste van de volgende grenzen:

  • 30% van de fiscale EBITDA
  • 3 miljoen euro (of het gedeelte dat wordt toebedeeld aan een Belgische groepsvennootschap)

Hoe wordt het financieringskostensurplus berekend?

Het financieringskostensurplus wordt berekend per vennootschap en wordt gedefinieerd als het positieve verschil tussen:

  1. Het totaal van interestkosten (en economisch gelijkaardige kosten)
  2. Het totaal van interestopbrengsten (en economisch gelijkaardige opbrengsten)

Er gelden enkele belangrijke uitsluitingen voor de berekening van het financieringskostensurplus:

  1. Interesten m.b.t. historische leningen: Leningen die afgesloten zijn vóór 17 juni 2016 kunnen onder bepaalde voorwaarden worden uitgesloten van de berekening.
  2. Intra-groep interesten: Interesten die betaald worden aan Belgische groepsvennootschappen dan wel ontvangen worden van Belgische groepsvennootschappen worden niet in aanmerking genomen bij de berekening van het financieringskostensurplus.

Er blijven echter nog vaak onduidelijkheden over wat kan kwalificeren als interestkost en interestopbrengst. Vele belastingplichtigen zoeken daarom comfort en vragen een voorafgaande beslissing aan bij de Rulingdienst, zo ook de onderstaande belastingplichtige.

Casus uit ruling nr. 2024.0441: "Rentecomponent in verkoopprijs: Mag het in mindering gebracht worden van het financieringskostensurplus?"

Fiscale kwalificatie als economische rente

Belco X koopt goederen aan en distribueert deze goederen aan verschillende afnemers. In de sector waarin Belco X actief is, is het zeer courant om een ruime betalingstermijn toe te staan aan haar afnemers. Deze financiert Belco X via een leverancierskrediet, waarbij de leveranciers rente aanrekenen via afzonderlijke facturen. Deze financieringskosten worden door Belco X doorgerekend aan haar afnemers via een rentecomponent die vervat zit in de verkoopprijs van de goederen. Tot op heden werd deze rente niet apart vermeld op de facturen van Belco X aan haar afnemers. Deze rente zit vervat in de omzet en werd dus niet geboekt als interestopbrengst. Aangezien de interestkost die Belco X betaalt aan haar leveranciers op afzonderlijke facturen wordt vermeld, wordt deze boekhoudkundig wél geboekt als een interestkost. Met andere woorden, op deze manier draagt Belco X veel interestkosten, terwijl de doorgerekende interestcomponent niet geboekt werd als interestopbrengst.

Hierdoor heeft Belco X bij de Dienst Voorafgaande Beslissingen (hierna "DVB") een aanvraag ingediend om de rentecomponent in haar verkoopprijzen aan afnemers te laten kwalificeren als een economische gelijkwaardige rente.

Optimalisatie van financieringskostensurplus via erkenning van rentecomponent

Belco X wenst de rentecomponent die vervat zit in de verkoopprijs te laten erkennen als interestopbrengst om deze vervolgens in mindering te brengen van de interestkosten voor de berekening van het financieringskostensurplus.

Om dit mogelijk te maken, heeft Belco X succesvol bewijsstukken aangeleverd aan de DVB om aan te tonen dat de opgelopen rente effectief werd doorgerekend aan haar afnemers.

Fiscale erkenning van rentecomponent: gevolgen?

Indien de rentecomponent fiscaal als rentebaat wordt gekwalificeerd, kan Belco X de doorgerekende interestkost in mindering brengen van haar financieringskostensurplus, wat uiteraard een positieve impact heeft op de berekening. Dergelijke nauwkeurigere berekening biedt een betere afstemming tussen de economische realiteit en de fiscale behandeling van de activiteiten van Belco X.

Conclusie dienst voorafgaande beslissingen

De DVB kwalificeert de rentecomponent vervat in de verkoopprijs als interestopbrengst dewelke dan door Belco X kan afgetrokken worden van haar financieringskostensurplus.

Belco X dient wel de volgende rapporteringsverplichtingen na te leven:

  1. Belco X dient een jaarlijkse bijlage bij haar aangifte te voegen waarin de betrokken afnemers worden geïdentificeerd en waarbij per afnemer het bedrag van de rentecomponent vervat in de verkoopprijs wordt weergegeven.
  2. Belco X zal een verklaring opstellen waarin de kwalificatie van de rentecomponent vervat in de verkoopprijs als interestopbrengst wordt bevestigd. Belco X moet deze verklaring ter beschikking stellen van de betrokken afnemers.
  3. Belco X moet toekomstige Belgische afnemers eveneens opnemen in deze bijlagen.

Algemene conclusie

Zelfs indien er geen interestopbrengst geboekt wordt maar wel vervat zit in uw kostprijs, kunt u in elk geval de overweging maken om een ruling aan te vragen. Aan de hand van de ruling kan men vervolgens de interesten laten kwalificeren als renteopbrengsten, waardoor er een positieve impact zal ontstaan op de berekening van het financieringskostensurplus.

Wenst u advies over dit onderwerp? Onze experts staan voor u klaar.

#Tax & Legal #Business & International Tax #Financieringskostensurplus