Neem contact op met één van onze experten
Auteursrechten – Herintegratie van de IT-sector en (voorlopig) behoud van de forfaitaire kosten
In het federale regeerakkoord van de regering De Wever I werd begin 2025 aangekondigd dat het fiscaal gunstige auteursrechtenregime zou worden uitgebreid om de bestaande discriminatie tussen digitale beroepen – waaronder ook veelal softwareontwikkelaars vallen – en andere beroepen weg te werken. Sinds 1 januari 2023 was dit regime immers afgeschaft voor de IT-sector.
Op het moment van dit schrijven is er nog geen gestemde wetgeving, maar een recent wetsontwerp van 17 december 2025 houdende de hervorming van de personenbelasting voorziet in een uitbreiding van het fiscale regime voor auteursrechten opnieuw tot de IT-sector. Vanaf 1 januari 2026 (met retroactieve toepassing) zou het voor werkgevers in de IT‑sector opnieuw mogelijk zijn om het fiscaal aantrekkelijk vergoedingsmechanisme aan te bieden.
Wat blijft van kracht in 2026?
Het auteursrechtenregime is van toepassing wanneer er sprake is van een origineel werk met een creatieve insteek, en daardoor beschermd is door het auteursrecht. In 2026 zal dit regime opnieuw toelaten om een deel van de vergoeding te kwalificeren als roerende inkomsten (vrijgesteld van sociale zekerheidsbijdragen), onderworpen aan een roerende voorheffing van 15% (wat tot op heden neer kon komen op een effectieve belastingdruk van 7,5%, gezien de forfaitaire kostenaftrek, verder in dit artikel meer hierover), in plaats van aan de progressieve personenbelasting.
De volgende voorwaarden blijven ongewijzigd:
- Een deel van de vergoeding moet betrekking hebben op een originele, auteursrechtelijk beschermde creatie (programma’s, modules, interfaces…).
- Het percentage van de vergoeding dat als auteursrechten wordt toegekend, moet gerechtvaardigd en gedocumenteerd worden. Dit is beperkt tot 30% van de totale vergoeding.
- De ‘vier jaren’-grens, die sinds aanslagjaar 2024 geldt, blijft van toepassing. Het vierjarig gemiddelde van de bruto-inkomsten uit auteursrechten mag 37.500 euro niet overschrijden (≈ 75.360 euro geïndexeerd voor aanslagjaar 2026).
- Het Grondwettelijk Hof heeft bevestigd dat enkel daadwerkelijk creatieve werken in aanmerking komen, wat een grondige analyse van de werkzaamheden impliceert.
Wijzigingen vanaf 1 januari 2026
Herintegratie van computerprogramma’s
De bepaling in de programmawet van 26 december 2022 om computerprogramma’s (die worden beschouwd als literaire werken overeenkomstig artikel XI.294 van het Wetboek van Economisch Recht) uit te sluiten uit het materiële toepassingsgebied van artikel 17, §1, 5°, eerste streepje, van het WIB 92, had aanleiding gegeven tot heel wat kritiek. Door deze bepaling kwamen softwareontwikkelaars en aanverwante IT-beroepen niet langer in aanmerking voor de toepassing van het auteursrechtenregime.
De regering komt hier nu op terug: artikel 17, §1, 5°, WIB 92 wordt aangepast, zodat computerprogramma’s opnieuw binnen het toepassingsgebied van het auteursrechtenregime vallen. Deze wijziging geldt voor inkomsten die worden betaald of toegekend vanaf 1 januari 2026. Concreet kunnen softwareontwikkelaars en aanverwante beroepen opnieuw gebruikmaken van het regime (aangezien codes, scripts, softwaremodules, technische documentatie etc. opnieuw als creatieve werken kunnen worden beschouwd).
De memorie van toelichting benadrukt wel dat, zoals bij alle andere beroepsgroepen, ook softwareontwikkelaars moeten voldoen aan de voorwaarde dat de rechten worden overgedragen of in licentie gegeven aan een derde voor doeleinden van mededeling aan het publiek, openbare uitvoering of reproductie. Dit punt zal ongetwijfeld aanleiding geven tot verdere discussies.
Wat met de aangekondigde afschaffing van de forfaitaire kostenaftrek?
Het begrotingsakkoord van november 2025 kondigde aan dat de forfaitaire kostenaftrek vanaf 1 januari 2026 zou worden afgeschaft. In het wetsontwerp merken we echter dat deze maatregel onder “Titel 13 - Auteursrechten” niet is opgenomen. De enige wijziging binnen deze titel heeft uitsluitend betrekking op de IT‑sector. Dat wordt ook bevestigd in de memorie van toelichting, waarin staat dat “de overige bepalingen van de auteursrechtenregeling, zoals gewijzigd bij de programmawet van 26 december 2022, ongewijzigd blijven”.
Voor aanslagjaar 2026 (inkomstenjaar 2025) blijft de toepassing van het forfait van beroepskosten dus behouden:
- Tot 20.100 euro: 50% forfait (effectieve belasting: 7,5%, zijnde 50% van 15%)
- Tussen 20.100 en 40.190 euro: 25% forfait (effectieve belasting: 11,25%, zijnde 75% van 15%)
Voor aanslagjaar 2027 (inkomsten 2026) vermeldt het ontwerp van de programmawet (beschikbaar op de website van de Kamer sinds 23 februari 2026) dat de toepassing van het kostenforfait wordt beperkt. Zo zouden enkel nog belastingplichtigen die in het bezit zijn van een “kunstwerkattest” gebruik kunnen maken van het kostenforfait.
Let op: de houders van een kunstwerkattest kunnen wel enkel gebruik maken van het kostenforfait voor de werkzaamheden waarop het kunstwerkattest betrekking heeft. Verder komt ook het “kunstwerkattest – starter” niet in aanmerking. Enkel houders van een gewoon kunstwerkattest of het kunstwerkattest plus kunnen gebruik maken van het kostenforfait.
Deze inperking van het forfaitaire kostenforfait heeft volgens het wetsontwerp van de programmawet “uitwerking met ingang van 1 januari 2026 en is van toepassing op de vanaf 1 januari 2026 betaalde of toegekende inkomsten”.
Voor de inhouding van de roerende voorheffing op uitbetalingen in auteursrechten moet met de nieuwe regeling pas rekening worden gehouden vanaf de datum waarop de wet in werking treedt. Wie vandaag auteursrechten uitbetaalt, moet voorlopig dus nog rekening houden met de oude regeling en de roerende voorheffing berekenen mét toepassing van het forfaitaire kostenforfait. Voor belastingplichtigen die door de nieuwe regels niet langer in aanmerking komen voor het kostenforfait, zal de uiteindelijk verschuldigde belasting daardoor hoger uitvallen.
Conclusie en begeleiding
De herintegratie van het auteursrechtenregime voor softwareontwikkelaars en aanverwante beroepen zorgt ervoor dat werkgevers in de IT-sector opnieuw een fiscaal aantrekkelijk vergoedingsmechanisme kunnen aanbieden aan hun werknemers en bestuurders, zonder bijkomende kosten voor de werkgever. Wel is een zorgvuldige documentatie vereist om de creatieve aard van het werk te onderbouwen en discussies met de fiscus te vermijden. Bovendien is het sterk aanbevolen een ruling aan te vragen bij de Dienst Voorafgaande Beslissingen.
Ons team kan u begeleiden bij de toepassing van het regime, zowel tijdens de rulingfase (pre-filing, onderhandelingen met de DVB, verkrijgen van de beslissing) als bij de praktische implementatie (contractuele bijlage, interne documentatie, ondersteuning richting sociaal secretariaat). Wenst u bijstand bij een fiscale controle of advies over de eventuele toepassing van auteursrechten? Onze experts staan voor u klaar.

