Neem contact op met één van onze experten
Kan u een abnormaal of goedgunstig voordeel verstrekken ‘langs de zijlijn’?
Binnen een groep is het makkelijker om een vriendenprijsje af te spreken dan wanneer het om zakelijke afspraken met derde partijen gaat. Mag dat van de fiscus en wat zijn de eventuele fiscale gevolgen? Hoe actief moet een groepsvennootschap betrokken zijn voor ze mogelijks op het fiscaal strafbankje terechtkomt? Recente rechtspraak werpt een interessant licht op de zaak.
Wat is een ‘abnormaal of goedgunstig voordeel’?
Als in groepsverband de onderlinge prijszetting nietin lijn is met de marktnorm, dan is er sprake van een ‘abnormaal of goedgunstig voordeel’.
Voor Belgische fiscale doeleinden worden deze begrippen als volgt gedefinieerd:
- Voordeel: een verrijking van de verkrijger. Wat de verstrekker van het voordeel betreft, geen effectieve vergoeding evenwaardig aan het verstrekte voordeel.
- Abnormaal: alles wat in strijd is met de normale gang van zaken, de regels en de gevestigde gebruiken. Of nog, wat in strijd is met wat in soortgelijke gevallen gebruikelijk is.
- Goedgunstig: voordelen verleend zonder dat ze de uitvoering van een verbintenis zijn of verleend zonder enige tegenprestatie.
Voorbeelden van een ‘abnormaal of goedgunstig voordeel’
Een renteloze lening, een te lage aankoopprijs, een te hoge verkoopprijs, een al dan niet voorwaardelijke kwijtschelding van een groepsschuld, een niet-(marktconform) vergoede borgstelling, een niet-(marktconform) vergoede overdracht van goodwill, enz.
De belastingplichtige moet op elk moment kunnen aantonen dat zijn interne verrekenprijzen marktconform zijn.
Fiscale gevolgen voor wie een voordeel verstrekt
Rekenen gelieerde partijen prijzen aan die te hoog zijn, dan heeft de Belgische vennootschap die de excessieve kost draagt, mogelijk een abnormaal of goedgunstig voordeel verstrekt.
Is de gelieerde onderneming die het voordeel ontvangt in het buitenland gevestigd? Dan kan het bedrag van het voordeel, het verschil tussen de normale marktprijzen en de daadwerkelijk aangerekende prijs, als een verworpen uitgave toegevoegd worden aan het resultaat van de Belgische onderneming die het voordeel verleent. Een compensatie van deze verworpen uitgave met fiscale verliezen of andere tax assets is wel mogelijk.
Er is maar één manier om te ontsnappen aan de belastingheffing voor de verstrekker van een abnormaal of goedgunstig voordeel. Er is geen fiscale afstraffing van de Belgische vennootschap die zo’n voordeel verleent, als aangetoond is dat de genieter van het voordeel aan de Belgische vennootschapsbelasting onderworpen is. Dat is logisch want dit voordeel zal bij de Belgische genieter in zijn aangifte vennootschapsbelasting verwerkt worden.
Fiscale gevolgen voor wie een voordeel geniet
Als een Belgische vennootschap een abnormaal of goedgunstig voordeel verkrijgt, kan ze geen beroep doen op enige belastingaftrek om tegen dat voordeel af te zetten. De boekhoudkundige opbrengst (of minderkosten) die met dat verkregen voordeel overeenstemt, is niet compenseerbaar met eventuele fiscale verliezen, DBI-aftrek, enz.
Meer nog, een ontvangen abnormaal of goedgunstig voordeel is de minimale belastbare grondslag van de vennootschap in de vennootschapsbelasting. En dat ongeacht het fiscaal resultaat van het boekjaar zelf van de betrokken vennootschap. Een dergelijke minimale belastbare basis is onderworpen aan 25% vennootschapsbelasting. Die kan zelfs nog hoger zijn als de vennootschap onvoldoende voorafbetalingen deed tijdens het boekjaar.
Het Hof van Cassatie bevestigt dat deze regelgeving ook speelt wanneer de verstrekker van het abnormaal of goedgunstig voordeel gevestigd is buiten België.
Casus: volstaat instemming?
Het Hof van Beroep van Brussel kreeg op 28 februari 2023 een opmerkelijke casus voor de kiezen. De rechter besloot dat er sprake was van een ‘abnormaal voordeel’.
De feiten
Een Luxemburgse vennootschap (LuxCo) is 100% aandeelhouder van een Belgische vennootschap BelCo (1). Die heeft op haar beurt een belang van 80% in BelCo (2).
LuxCo heeft een vordering van 10 miljoen euro op BelCo (2) en brengt haar vordering in natura in, in het kapitaal van BelCo (2). Gelet op de waardering van de door BelCo (2) uit te geven aandelen, ontvangt LuxCo 10 miljoen extra aandelen van BelCo (2). Het gevolg is dat BelCo (1) haar eerdere 80% belang in BelCo (2) substantieel ziet verwateren.
Standpunt fiscus
De Belgische fiscus trekt de waardering van de BelCo (2) aandelen in twijfel. De waardering had een tienvoud moeten zijn van wat in concreto is toegepast bij de inbreng in natura. Bij marktconforme waardering van die aandelen zou BelCo (1) nooit zo fors gedilueerd zijn ten gunste van LuxCo. Volgens de Belgische belastingadministratie heeft BelCo (1) een abnormaal of goedgunstig voordeel verstrekt aan LuxCo van 10 miljoen euro.
Standpunt Belco
BelCo (1) weerlegt dat door te stellen dat ze helemaal geen partij is bij de inbreng in natura transactie tussen LuxCo en BelCo (2).
Standpunt Brusselse rechter
Volgens de Brusselse rechter is het moeilijk te aanvaarden dat BelCo (1) niet bewust deelnam aan de kapitaalverhoging bij BelCo (2). Inderdaad, BelCo (1) oefende tijdens de algemene vergadering van aandeelhouders haar stemrecht uit. Ze stemde in met de kapitaalverhoging en met het aantal uit te geven BelCo (2) aandelen.
De Belgische fiscus heeft in dit geval dus terecht een verstrekt abnormaal of goedgunstig voordeel toegevoegd aan de verworpen uitgaven van BelCo (1).
Benieuwd hoe de Cassatierechter hierover denkt? We houden u op de hoogte van verdere evoluties. Hebt u in tussentijd vragen over dit thema? Neem zeker contact op.
