Overslaan en naar de inhoud gaan
#Esthetische ingrepen #btw #btw-vrijstelling #Medische diensten #Tax & Legal

Grondwettelijk Hof wijzigt btw-regeling voor medische handelingen

maandag 24/02/2020
BTW-regeling

In haar arrest van 5 december 2019 vernietigt het Grondwettelijk Hof een aantal bepalingen over btw voor medische handelingen. Vooral de btw-regeling voor esthetische behandelingen en de btw-vrijstelling voor paramedische beroepen zijn getroffen.

Zo was het voor de uitspraak

Sinds 1 januari 2016 zijn ingrepen en behandelingen met een esthetisch karakter uitgevoerd door artsen en ziekenhuizen uitgesloten van de btw-vrijstelling voor medische handelingen. Er moet met andere woorden btw op betaald worden.

De btw-heffing is beperkt tot handelingen die niet in de RIZIV-nomenclatuur opgenomen zijn of die erin opgenomen zijn maar niet terugbetaald worden. Bedoeling was om enkel handelingen zonder therapeutisch doel aan de btw te onderwerpen en de heffing van de btw te beperken tot artsen en ziekenhuizen en tot esthetische handelingen die niet opgenomen zijn in de RIZIV-nomenclatuur.

Onderscheid verdwijnt

Het Grondwettelijk Hof heeft deze regeling op verschillende punten vernietigd. De onderwerping aan de btw is voortaan uitgebreid. Er mag geen onderscheid meer zijn tussen:

  • Esthetische ingrepen die worden verricht door artsen, en door andere van de btw vrijgestelde beroepen (verpleegkundigen, tandartsen, vroedvrouwen…).
  • Esthetische behandelingen opgenomen in de RIZIV-nomenclatuur, en deze die daarin niet opgenomen zijn.
  • Esthetische handelingen binnen ziekenhuizen, en buiten ziekenhuizen.

Meer esthetische behandelingen onderworpen aan btw

Esthetische handelingen uitgevoerd door ‘niet-artsen’, al dan niet opgenomen in de RIZIV-nomenclatuur, al dan niet terugbetaalbaar, en ook verricht buiten een ziekenhuis, zijn principieel onderworpen aan btw.

Ook de diensten en leveringen van goederen die nauw samenhangen met medische prestaties van ziekenhuizen, maar die ‘niet onontbeerlijk zijn voor het verrichten van vrijgestelde handelingen, wanneer zij in hoofdzaak ertoe strekken extra opbrengsten te verschaffen in rechtstreekse mededinging met commerciële ondernemingen’, denk bijvoorbeeld aan betaalde televisie in ziekenhuizen, moeten volgens het Hof onderworpen zijn aan btw.

Meer paramedische beroepen vrijgesteld van btw

De btw-vrijstelling voor paramedische beroepen wordt beperkt tot erkende en gereglementeerde beroepen. Het Hof acht een formele erkenning als paramedisch beroep echter niet langer noodzakelijk voor de toepassing van de btw-vrijstelling. Het volstaat te garanderen dat de medische verzorging van een voldoende hoog kwaliteitsniveau is. Als het kwaliteitsniveau van gereglementeerde (para)medisch beroepen geëvenaard wordt, moeten deze diensten volgens het Hof ook kunnen genieten van de btw-vrijstelling.

Vooral voor chiropractors en osteopaten, die geen wettelijk erkende en gereglementeerde paramedische beroepen zijn, is dat belangrijk. Tenzij ze ook een diploma van arts of kinesist hadden, werden hun prestaties tot nu toe altijd aan btw onderworpen. Door dit arrest kunnen zij hun zorgdiensten wel vrijstellen van btw.

Btw-administratie laat (voorlopig) de keuze

Een reactie van de btw-administratie bleef niet lang uit. Op 17 januari 2020 volgde al een standpunt. Hoewel ze de toepassing van het arrest niet zal afdwingen in afwachting van een wetswijziging, mogen de betrokken personen en instellingen er zich van de fiscus wel al op beroepen. Ze hebben dus de keuze om naargelang de situatie een btw-vrijstelling toe te passen, dan wel btw aan te rekenen.

Zo mogen de getroffen beroepsbeoefenaars en instellingen (ziekenhuizen) de handelingen die ze verrichten vanaf 1 oktober 2019 al aan btw onderwerpen. En kunnen chiropractors en osteopaten hun prestaties sinds 1 oktober 2019 al vrijstellen van btw.

NEEM CONTACT OP MET EEN VAN ONZE ADVISEURS
Karolien Vanmeerhaeghe
Karolien Vanmeerhaeghe
Senior Manager Tax & Legal Services